Deel 2 van Geld verdienen met opties: vola, delta, skew en nog veel meer

Geld verdienen met opties: vola, delta, skew en nog veel meer

We gaan dit maal kijken naar de theoretische waarde van opties, naar het grote belang van de delta en de theta, de historische en de impliciete volatiliteit, de optie skew en hoe je deze gebruikt om de juiste opties te selecteren met de grootste kans op succes.

Hoe maakt u een gecalculeerde beslissing, welke opties zijn duur en welke goedkoop en welke gratis tools staan er tot uw beschikking? Wat zijn de belangrijkste verschillen tussen het gebruik van aandelen en opties en nog veel meer.

De vorige keer hebben we gekeken wat call opties en putopties zijn en wat de voordelen zijn van opties ten opzichte van aandelen. Wat de termen in the money, out of the money en at the money. We gaan nu kijken naar hoe de zes factoren:

  • de koers van het aandeel
  • de uitoefenprijs
  • de resterende looptijd van de optie
  • de verwachte volatiliteit
  • de rente
  • en de eventuele dividenden

worden gebruikt om te berekenen wat de theoretische waarde is van een optie.

Een voorbeeld berekening van de theoretische waarde van opties

Aan de linkerkant van de calculator is het invoerdeel en de rechterkant is het uitvoerdeel. We nemen weer als voorbeeld Royal Dutch Shell en kijken naar de uitoefenprijs van 25. We voeren in dat de huidige koers € 27 is en kiezen als resterende looptijd van de optie 200 dagen, voeren in dat de rente op 1% staat, en dividendrendement op 5% en dat de volatility 15 is.  We kunnen dit bijvoorbeeld opzoeken op https://marketchameleon.com/Overview/RDS.A/IV/

Bereken de invloed van de verschillende factoren

Het grote voordeel van zo’n calculator is dat je ook kunt kijken wat de invloed is van bijvoorbeeld een toename van de volatiliteit of een beweging van de koers. Zo kun je net zolang de variabelen aanpassen tot je het gewenste resultaat hebt, je kan er ook de grafieken van tonen et cetera et cetera.

De delta van opties: de correlatie met de onderliggende waarde

We zien allereerst de theoretische waarde van een optie, op basis van de door ons ingevoerde gegevens. De tweede is van groot belang, namelijk de delta. De delta is de mate waarin de premie van de optie verandert wanneer de onderliggende waarde veranderd. Ik kom hier later nog uitgebreider op terug.

De theta: de tijdswaarde van opties

Een ander belangrijk cijfer is de theta. De thèta, de t van tijdswaarde, dat is een makkelijk ezelsbruggetje, geeft aan hoeveel de optiepremie verandert wanneer er een dag verstrijkt. De call zal dus gemiddeld € 0,003 per dag in waarde verminderen. De waarde is circa € 2 voor 200 dagen. Je zou dus eigenlijk zeggen dat er gemiddeld € 0,01 per dag verdampt nietwaar?

De snelheid waarmee de tijdswaarde verdampt, varieert

Op dit moment verdampt er 0,3 cent per dag en dit loopt steeds verder op naarmate de optie richting de expiratiedatum beweegt. Ook zal de tijdswaarde sneller of minder snel verdampen afhankelijk van de koers van de onderliggende waarde. Later hierover meer.

Een voorbeeld van de delta

Laten we kort even kijken naar een voorbeeld. De delta van de call is 0.709. De waarde van de delta noteert tussen nul en 1. Een delta van 0.7 geeft aan dat de premie van de optie met circa 70% de onderliggende waarde volgt. Wanneer Royal Dutch Shell stijgt van € 27 naar € 28, dan mogen we verwachten dat de premie van de optie met € 0,70 stijgt. Dus van circa € 2 naar € 2,70.

Beweegt de optie in de richting die u verwacht?

Op deze manier kun je berekenen of je het gewenste resultaat krijgt met de optie die nu aan het doorrekenen bent. Veel mensen denken dat de optie altijd mee beweegt in de richting van de onderliggende waarde. Zeker opties die vlakbij de expiratiedatum zitten, kunnen nog al eens de andere kant op bewegen, namelijk wanneer er meer tijdswaarde uitloopt dan er een intrinsieke waarde bijkomt.

Goedkoop is duurkoop geldt ook bij opties

Wellicht heeft u dit ook wel eens meegemaakt, dat de koers van het aandeel, zoals je had verwacht, netjes oploopt, maar dat de premie van de optie niet mee stijgt? Blijkbaar had u dan een optie met een te lage delta. Dit zien wij bijvoorbeeld bij de out of the money opties en de opties die bijna expireren. Veel mensen kiezen deze opties, omdat deze lekker goedkoop zijn.

Een hogere delta is beter

Beter is het om te zoeken naar opties, die een hogere delta hebben. Ik kom nog uitgebreid terug op een strategie hoe we het maximale uit de delta kunnen halen, maar zal eerst even laten zien wat het effect is van een beweging van de koers van Royal Dutch Shell op de premie van de opties.

De delta loopt op bij een stijging van de onderliggende waarde

option-price.com +1

Laten we allereerst eens kijken naar een stijging van Royal Dutch Shell met 1 euro. Wanneer we dit doorrekenen, dan zien we dat de premie netjes oploopt van € 2 naar € 2,70. Dus 0,7 (de delta) maal € 1 is € 0,70. Op dit moment is de relatie tussen de koers van het aandeel en de optie dus 70%. Merk op dat de delta door de stijging is gestegen van 70% naar 80%.

Met de delta kunnen we ook de daling berekenen

option-price.com-1-.png

Vervolgens kunnen we kijken naar een daling van Royal Dutch Shell met een euro. Wanneer we dit doorrekenen dan zien we dat de premie netjes daalt van € 2 naar € 1,30. Dus 0,7 (de delta) maal € 1 is € 0,70. Ook hier weer is de relatie tussen de koers van het aandeel en de optie dus 70%.

Concentreer altijd op de delta

Wanneer je het maximale resultaat van je investering wil, concentreer dan altijd op de delta. Koop dus niet de goedkope opties, met de lage delta, zoals out of de money opties met een lage kans op winst. Opties bewegen dus niet 1 op 1 mee met de onderliggende waarde. Opties zijn complexer en vragen daarom wat meer aandacht.

De delta geeft de procentuele kans aan, dat deze optie met waarde afloopt

Een vuistregel is: de delta geeft de procentuele kans aan, dat deze optie met waarde afloopt. In dit voorbeeld heeft de call 70% kans om op de expiratiedatum een waarde te hebben. Hieruit volgt logischerwijs dat de putoptie 30% kans heeft om geld waard te worden op de expiratiedatum.

Of de call of de put optie eindigt in het geld

De koers zal immers onder of boven de uitoefenprijs expireren. Dus of de call of de put zal waarde hebben op de einddatum. Dit geeft dus aan wat de markt denkt, hoe groot de kans is, dat deze in the money call optie (we mogen dus kopen voor € 25 terwijl de koers op dit moment op € 27 staat) over 200 dagen intrinsieke waarde heeft.

De markt verwachting wordt ingeprijsd

De putoptie is dus out of the money. We mogen de aandelen verkopen voor € 25, maar op de beurs kunnen we ze verkopen voor € 27. Het contract heeft dus nog geen echte waarde. De markt schat in dat er 30% kans is dat de koers van Royal Dutch Shell onder € 25 noteert over het 200 dagen.

Doe je huiswerk voor je met opties aan de slag gaat

Er is niets mis met een gokje, waarbij je weinig investeert, waarbij je een mooi rendement kunt maken, maar waarbij je rekening moet houden, dat deze kleine investering niets oplevert. Laat je in ieder geval niet verrassen, en doe je huiswerk voordat je een optie gaat kopen of verkopen.

De delta wordt ook wel hedge ratio genoemd

De delta vertelt nog iets meer, dan de mate waarin de optie meebeweegt met de onderliggende waarde. De delta, wordt ook wel hedge ratio genoemd. Het geeft ook aan hoeveel aandelen je moet kopen om het directioneel risico van de optie af te dekken. Wanneer je bijvoorbeeld een call optie schrijft met een delta van 70, dan moet je 70 aandelen kopen om het risico van een verdere stijging af te dekken.

Market makers profiteren van het verdampen van de tijdswaarde

Veel optiebeleggers, bijvoorbeeld ook Market Makers, die de markt maken, en dus zorgen dat er altijd kan worden gehandeld in opties, proberen de delta van hun portefeuille rond nul te houden. Ze nemen dus geen positie in, om te profiteren van een stijging of een daling. Ze willen alleen profiteren van het verdampen van de tijd en verwachtingswaarde.

Meer beweging betekent meer premie

De belangrijkste factor van de prijs van een optie is de beweeglijkheid. Een verdubbeling van de beweeglijkheid zorgt grofweg voor een verdubbeling van de premie van de optie. En aan de andere kant een halvering van de beweeglijkheid zorgt grofweg voor een halvering van de premie van de optie. Daarom is het goed om hier wat uitgebreider bij stil te staan.

We onderscheiden twee soorten beweeglijkheid:

  • de historische volatiliteit, die meet hoe bewegelijk het aandeel of bijvoorbeeld de AEX index was in het verleden.
  • De impliciete volatiliteit, die meet wat de markt verwacht over de toekomstige beweeglijkheid van het aandeel of bijvoorbeeld de AEX index.

De historische volatiliteit is eenvoudig

De historische volatiliteit is het meest eenvoudige. Het enige wat je hoeft te doen is de koersen van de afgelopen periode in te voeren om de beweeglijkheid te berekenen. De enige keus, die je dan moet maken, is hoe ver je terugkijkt. Vaak wordt gekozen voor 21 dagen, omdat dit overeenkomt met het aantal handelsdagen in een maand. De meeste optiebeleggers zijn korte termijnbelegger, die dus met maandopties werken.

Wat was de gemiddelde beweging ten opzichte van het gemiddelde

Je kunt dit vergelijken met het berekenen van de gemiddelde koers over de afgelopen 21 dagen. Met behulp van een formule kun je dan berekenen wat de gemiddelde beweging is geweest ten opzichte van dit gemiddelde. Zo zagen we dat de markt in prijst dat de koers van Royal Dutch Shell, ten opzichte van het gemiddelde, 15% stijgt of 15% daalt.

De impliciete volatiliteit geeft aan hoeveel beweging de markt verwacht

Vervolgens de impliciete volatiliteit. We kijken nu niet langer in de achteruitkijkspiegel, maar naar de toekomst. Wat verwachten beleggers in de komende periode? Het wordt daarom ook wel de paniekbarometer genoemd. Wanneer beleggers verwachten dat er turbulentie ontstaat, bijvoorbeeld als gevolg van politieke spanningen, dan zal de impliciete volatiliteit oplopen. Hoe meer paniek er is, hoe hoger de impliciete volatiliteit en hoe hoger dus ook de premies van opties.

Verwachten beleggers rust of paniek?

Je kunt dit vergelijken met de premies voor de brandverzekering. Wanneer mensen verwachten dat er een grotere kans is op brand, dan zullen de premie stijgen. Wanneer mensen verwachten dat alles rozengeur en maneschijn is, dan zullen mensen niet bereid zijn om veel te betalen voor het afdekken van risico’s toch?

We kunnen de volatiliteit berekenen met behulp van Black en Scholes

Formule Black en Scholes

De impliciete volatiliteit kunnen we dus berekenen op basis van wat de markt bereid is om te betalen voor het afdekken van het risico. We gebruiken daarvoor de eerder genoemde formule van Black en Scholes om de vergelijking met één onbekende op te lossen: de volatiliteit. De andere prijscomponenten zijn immers bekend behalve de volatiliteit, die we dus kunnen afleiden aan de hand van deze formule.

Cijfers zorgen voor onzekerheid en dus hogere optie premies

Vola RDS

De markt kijkt niet alleen naar de historische beweeglijkheid, maar ook naar zaken als de publicatie van bijvoorbeeld kwartaalcijfers en jaarcijfers van het bedrijf en macro-economische factoren, zoals werkgelegenheidscijfers en economische groei. Wanneer de Market Makers weten dat er cijfers gepubliceerd zullen gaan worden, zorgt dit voor onzekerheid, en daarom zien we vaak dat op dat moment de premies van opties toenemen. Na de publicatie van de gegevens zien we vaak dat de premies weer dalen.

Tussen welken grenzen beweegt de beweeglijkheid?

Deze kennis kunnen we natuurlijk gebruiken bij het kopen en verkopen van opties. Zo kunnen we ook kijken of een optie duur is of goedkoop en de koop en verkoop van opties timen. Net als de koers van het aandeel, zien we ook golfbewegingen bij de volatiliteit. Het enige wat je dus hoeft te doen is te kijken naar de niveaus waartussen de beweeglijkheid varieert.

Periodes van rust worden afgewisseld door turbulentie

In het voorbeeld van Royal Dutch Shell zien we dat de beweeglijkheid van de volatiliteit gemeten over een periode van 30 dagen fluctueert tussen 10 en 30. Wanneer de volatiliteit hoger is, dan zijn de premies hoog. Wanneer de markt verwacht dat er weinig beweging volgt, zijn de premies laag. We weten echter dat periodes van rust worden afgewisseld met periodes van turbulentie en omgekeerd en daar kunnen we dus van profiteren.

De volatiliteit keert altijd weer terug naar het gemiddelde

We kunnen de impliciete volatiliteit vergelijken met die historische volatiliteit. Wat opvalt is dat de historische volatiliteit in het afgelopen jaar steeds verder is opgelopen van 15% naar 20%. Wat ook opvalt, is dat de impliciete volatiliteit altijd weer terug gaat richting het lange gemiddelde. De impliciete volatiliteit van 10% veert weer op richting het gemiddelde van rond 18%.

Zijn opties duur of goedkoop?

Een koersdaling van Royal Dutch Shell zorgt voor een stijging van de beweeglijkheid. Een piek van 30% wordt afgewisseld met opnieuw een daling richting het gemiddelde. Dit korte gemiddelde kronkelt dus voortdurend om het lange gemiddelde heen. Zo kunnen we dus aflezen of de volatiliteit en dus de premie van optie, in historisch perspectief, duur of goedkoop is.

Verschillende opties reageren verschillend

option-price.com at 30

Laten we eens doorrekenen wat de invloed is van een verdubbeling van de volatiliteit wanneer we dit invoeren in de optiecalculator. Opties die langer lopen, of diep in de money zijn, reageren natuurlijk anders omdat de tijd of de intrinsieke waarde een grote rol speelt. We rekenen dit door voor een at the money optie die nog 30 dagen loopt. De theoretische waarde van een call ligt rond € 0,39. De theoretische waarde van een put ligt rond € 0,47.

Een verdubbeling van de volatiliteit zorgt voor een verdubbeling van de waarde

Wanneer we nu de volatiliteit verhogen van 15 naar 30, dan zien we dat de call in waarde ruimschoots verdubbeld. Van € 0,39 naar € 0,82. De put stijgt van € 0,47 naar € 0,90. Ook bijna een verdubbeling van de premie door de verdubbeling van de volatiliteit. Door de toegenomen onzekerheid betalen beleggers twee keer zoveel premie of willen verkopers twee keer zoveel premie ontvangen.

Kijk eerst naar de volatiliteitsniveaus

Het is dus van groot belang om te kijken naar de volatiliteitsniveaus voordat je met opties aan de slag gaat. Zo heb je vooraf een idee of opties duur of goedkoop zijn, gebaseerd op de historische volatiliteit. Vanzelfsprekend wil je graag iets kopen wanneer het goedkoop is en je wil iets verkopen wanneer iets duur is toch?

Zitten we aan de hoge of aan de lage kant?

Natuurlijk kunnen we de toekomst niet voorspellen, en kan iets wat goedkoop is, goedkoop blijven of zelfs nog goedkoper worden. Ook dit geldt natuurlijk voor een dure optie. Een volatiliteit van 30 kan natuurlijk ook oplopen naar 60. Door te kijken naar de historische volatiliteit hebben we echter toch een idee of we op dit moment aan de hoge of aan de lage kant zitten.

Opties op ASML zijn twee keer zo duur als bij Royal Dutch Shell

Vola ASML

Ook is het natuurlijk van groot belang om te kijken naar beweeglijkheid per aandeel. De beweeglijkheid van bijvoorbeeld ASML is vele malen groter dan van Royal Dutch Shell. Waar de volatiliteit van Royal Dutch Shell op dit moment rond 15% staat, zien we dat bij ASML de volatiliteit op dit moment rond 26% staat. De historische volatiliteit staat zelfs op 33%. De optiepremies op ASML zullen dus ongeveer twee keer zo duur zijn als Royal Dutch Shell.

Grotere bewegingen zorgen voor meer premie

RDS versus ASML

Waar de koers van Royal Dutch Shell sinds 2011 tussen circa € 16 en € 30 beweegt, zien we dat de koers van ASML tussen € 16 en € 190 beweegt. Omdat de bewegingen bij ASML veel groter zijn, zijn optiebeleggers bereid om meer premie te betalen om te profiteren van een beweging. Ook zijn optiebeleggers bereid om meer premie te betalen voor het afdekken van het risico.

ASML beweegt tweemaal zoveel als Royal Dutch Shell

RDS versus ASML kort

Ook wanneer we kijken naar de afgelopen kwartalen, dan zien we dat Royal Dutch Shell veel minder fluctueert dan ASML. De uitslagen van ASML zijn ongeveer twee keer zo groot als bij Royal Dutch Shell. De volatiliteit is dan ook tweemaal zo groot als bij Royal Dutch Shell. Wanneer je opties schrijft op ASML, dan krijg je dus ook ongeveer tweemaal zoveel premie als bij Royal Dutch Shell. Logisch toch?

Bekijk de optiepremie in historisch perspectief

Dit betekent niet dat opties op ASML duur zijn en bij Royal Dutch Shell goedkoop. Daarvoor moeten we kijken naar de premies van de opties in historisch perspectief. De premies voor de opties op ASML zijn dit moment veel lager dan het historisch gemiddelde. We zouden zelfs kunnen zeggen dat opties op ASML op dit moment goedkoop zijn.

Een halvering van de beweeglijkheid zorgt voor een halvering van de premie

Eind 2018, aan het einde van de dalende periode, waarin ASML sinds de zomermaanden zat, was de impliciete volatiliteit opgelopen naar 45%. Aanzienlijk meer dan de historische volatiliteit van 32. Als iets duur is, wil je graag verkopen. De volatiliteit daalde in de afgelopen maanden van 45 naar 24. Op basis van de halvering van de volatiliteit, kunnen we verwachten dat de premie van ASML ook grofweg is gehalveerd.

Durf je opties te schrijven na een grote daling?

Wanneer je het lef zou hebben gehad om na een daling van circa € 190 naar circa € 130 een putoptie zou hebben geschreven (dat moet je dus wel durven!), dan had je geprofiteerd van niet alleen de afname van volatiliteit, maar ook van het feit dat je de richting goed ze hebben ingeschat en daarbovenop de afname van de tijd en verwachtingswaarde. Maar nogmaals, je moet natuurlijk wel durven om dat te doen wanneer de koers een flinke daling heeft laten zien.

Wie wil er geen € 1213 ontvangen?

option-price.com ASML 90 dagen

Laten we dit eens invullen in onze optiecalculator. Wanneer we uitgaan van een koers van ASML van € 130 en een uitoefenprijs van € 130, een looptijd van 90 dagen en een volatiliteit van 45, dan zou de theoretische premie van de putoptie uitkomen rond € 12,13. Omdat opties altijd gaan per 100, zouden we dus € 1213 hebben ontvangen. Niet gek toch?

De theoretische waarde is teruggelopen naar nul

option-price.com ASML 30 dagen

Nu de koers is opgelopen naar € 160 en de looptijd naar zeg 30 dagen is teruggelopen en de volatiliteit is gedaald naar 24, kunnen we berekenen dat de theoretische waarde van de optie teruggelopen is naar nul. We zouden daarmee dus € 1213 hebben verdiend. Let wel, wanneer we de call optie zouden hebben geschreven dan zou deze call optie van circa € 10 naar circa € 30 zijn gegaan, vanwege de € 30 intrinsieke waarde.

De visie op de onderliggende waarde en de volatiliteit is zeer belangrijk

De visie op de onderliggende waarde is daarom van groot belang. Maar ook de visie op de toekomstige volatiliteit. We mogen dus constateren dat de volatiliteit een enorme rol speelt. We moeten daarom niet alleen kijken naar de verwachte richting van de onderliggende waarde, maar ook de verwachting met betrekking tot de volatiliteit: is deze hoog of laag, bezien in historisch perspectief.

Goedkope opties of dure opties?

De kans dat een optie in het geld komt, komt tot uitdrukking in de hogere optieprijzen. Door de grotere koersbewegingen van ASML is de kans natuurlijk groter dat een optie in het geld komt. Door de relatief lage bewegingen van Royal Dutch Shell, zullen we premies voor Royal Dutch Shell vanzelfsprekend dus ook veel lager zijn. Koop je dus opties op Royal Dutch Shell, omdat deze goedkoper zijn, realiseer je dan ook, dat de kans dat deze geld opleveren lager is, dan bijvoorbeeld bij ASML.

Met een spread dek je het risico af

ASML Volatility Skew

Wanneer je het risico wilt afdekken, door onder de geschreven put optie een lagere putoptie te kopen, spreken we van een spread. Een spread is een strategie waarbij je twee opties op het zelfde moment koopt of verkoopt. De opties kunnen betrekking hebben op de zelfde expiratiemaand of een andere expiratiemaand (een kalender spread).

De optie skew wordt veroorzaakt door de angstfactor

Iedere optie heeft zijn eigen volatiliteit. Dit patroon komt tot uitdrukking in de optie skew, omdat de impliciete volatiliteit van de ene optie hoger of lager is dan die van zijn buurman. Hoe lager de uitoefenprijs, hoe hoger de impliciete volatiliteit. Dit noemen we ook wel de angstfactor. Bij een forse daling van de onderliggende waarde neemt de angst toe.

Een lager risico zorgt voor een lagere margin

Mensen zijn bereid om een hogere premie voor de brandverzekering te betalen wanneer er sprake is van veel turbulentie. 90% van al mijn optietransacties doe ik in de vorm van een spread. De reden hiervoor is, dat ik altijd mijn risico wil afdekken. Dit zorgt ervoor dat men investeringen omlaag gaan omdat ik een lagere margin hoef aan te houden. Ik heb immers het risico afgedekt en weet wat mijn maximale verlies is, mocht het helemaal mis gaan. De bank of broker weet dat ook en eist daarom minder margin.

At the money opties hebben vaak de laagste impliciete volatiliteit

Wanneer naar de grafiek kijken, dan zien we dat de opties met een lage uitoefenprijs een veel hogere impliciete volatiliteit hebben. De opties die at the money zijn, we kijken nu even naar de april opties, deze noteren rond 27. Opties met een uitoefenprijs rond $ 160, noteren rond 32. Vaak zien we dat de hogere uitoefenprijzen ook weer iets duurder worden. Hierdoor ontstaat een zogenaamde smile.

De risico’s op een daling zijn vaak het grootste bij aandelen, bij grondstoffen bij een stijging

RDS.A Volatility Skew

De lagere uitoefenprijzen zijn vaak duurder omdat het risico bij aandelen vaak aan de onderkant ligt. Beleggers zijn vaak bereid om meer te betalen voor het geval er een forse daling plaatsvindt van de koers. Een uitzondering hierop zijn bijvoorbeeld grondstoffen. Hier zien we in plaats van de zogenaamde reverse skew (de lagere uitoefenprijzen zijn duurder) een forward skew (de hoger uitoefenprijzen zijn duurder) een forward skew. Dit wordt veroorzaakt door de mogelijkheid dat de prijzen van bijvoorbeeld sojabonen fors omhoog kunnen gaan, wanneer er bijvoorbeeld sprake is van ernstige droogte en een mislukte oogst.

Een stijgend aandeel en een call optie die daalt?

Ik hoop dat het inmiddels duidelijk is waarom het zo belangrijk is om te kijken naar volatiliteit. Tot slot nog een reden om te kijken naar volatiliteit. Heb je wel eens meegemaakt dat je in anticipatie op goede bedrijfscijfers, je call opties hebt gekocht? De cijfers waren goed en het aandeel ging omhoog, maar de call optie daalde in waarde?

In aanloop naar de cijfers zijn de optiepremies hoger

Dit komt door het feit dat in aanloop naar de cijfers, een onzekere factor, de premies van opties toenemen. Wanneer de risico’s groter worden, eisen verkopers een hogere vergoeding, en zijn kopers bereid om een hogere prijs te betalen. Door de wet van vraag en aanbod, stijgen de premies van de opties. Bovendien kopen Market Makers de opties op in aanloop naar de winstcijfers.

Na de cijfers volgt een volatiliteit implosie

Market Makers zijn dus niet op hun achterhoofd gevallen en willen zich niet laten verrassen door een grote koersbeweging. Omdat deze partij grote partijen opties koopt, stijgen de premies. Na het bekend worden van de cijfers, zien we vaak een volatiliteit implosie. De Market Maker verkoopt weer zijn opties waardoor de premie daalt.

Koop de opties niet te duur

Hierdoor kan het gebeuren dat je in anticipatie op slechte cijfers, putopties hebt gekocht, die te duur waren. De slechte cijfers veroorzaakten een koersdaling, maar de premie van de putoptie neemt af, omdat de opties weer normaal geprijsd worden. Deze implosie van volatiliteit, is een andere reden waarom je goed moet begrijpen wat volatiliteit is.

De grote verschillen tussen opties en aandelen

Laten we nu eens kijken naar de verschillen tussen opties en aandelen. Het is belangrijk om deze verschillen goed te begrijpen. Wanneer je verwacht dat de aandelenkoersen stijgen, volstaat het niet zomaar een willekeurige call optie te kopen. De premies van opties zijn gevoelig voor de resterende looptijd en de beweeglijkheid, dus niet alleen de richting van de onderliggende waarde.

Beleggen in opties is drie dimensionaal

Beleggen in aandelen is één dimensionaal. Een aandelenkoers stijgt of daalt en je maakt winst of verlies. Punt. Opties zijn drie dimensionaal. We moeten dus kijken naar de richting, de tijd en de volatiliteit. Een verkeerde keuze van de optie zorgt er dus voor dat je geld verliest, zelfs als je de richting goed hebt ingeschat.

Bij aandelen heb je alle tijd

Bij aandelen hoef je alleen maar te wachten, of de koers daadwerkelijk stijgt of daalt, zoals je had verwacht. Het enige dat er moet gebeuren, is dat de koers van het aandeel boven de aankoopprijs komt plus de transactiekosten. Je hebt dus de luxe dat je de tijd hebt. Je kunt eventueel jaren wachten, of de aandelen zelfs overdoen aan je erfgenamen.

Bij opties is er een einddatum

Opties kennen een duidelijke einddatum. Wanneer de premie van de optie niet boven je investering komt plus de transactiekosten, dan verlies je geld. Het doel is dus om de uitoefenprijs te kiezen waarbij de kans dat er winst wordt gemaakt, het grootste is. Hierbij is met name de relatie tussen de onderliggende waarde en de uitoefenprijs van belang.

In the money, out of the money en at the money call opties

We hebben al gesproken over de termen in the money, out of the money en at the money. Bij call opties zijn alle uitoefenprijzen boven de huidige koers out of the money. Dus wanneer Royal Dutch Shell € 25 noteert, dan zijn alle uitoefenprijzen boven € 25 out of de money. Alle koersen rond € 25 zijn at the money. Alle uitoefenprijzen onder € 25 zijn in the money. Deze opties zijn in het geld en hebben een werkelijke waarde wanneer deze opties worden uitgeoefend.

In the money, out of the money en at the money put opties

Bij put opties zijn alle uitoefenprijzen onder de huidige koers out of the money. Dus wanneer Royal Dutch Shell op € 25 noteert, dan zijn alle uitoefenprijzen onder € 25 out of de money. Wie wil immers de aandelen verkopen onder de koers waarop deze op de beurs worden verhandeld. Alle koersen rond € 25 zijn at the money. Alle uitoefenprijzen boven € 25 zijn in the money. Deze opties zijn in het geld en hebben een werkelijke waarde wanneer deze opties worden uitgeoefend.

Het grote voordeel van opties is de hefboom

Het voordeel van het kopen van opties ten opzichte van aandelen is natuurlijk de hefboom. We hebben veel minder geld nodig om te profiteren van de waardeontwikkeling van 100 aandelen. Je zou in theorie de controle kunnen krijgen over honderdduizenden aandelen voor slechts enkele honderden euro’s.

100 aandelen kopen is een forse investering

Laten we eens kijken naar een voorbeeld waarbij je geïnteresseerd zou zijn in aandelen Royal Dutch Shell. Stel je zou geïnteresseerd zijn 100 aandelen Royal Dutch Shell, die op dit moment € 27,50 noteren. Wanneer je deze aandelen zou willen kopen dan betaal je dus € 2750. Wanneer je gebruik maakt van effectenkrediet, met stel 50% dekking voor Royal Dutch Shell, dan zou je dus € 1375 investeren. Het maximale verlies is € 2750 en de potentiële winst is ongelimiteerd aan de bovenkant.

Kies de looptijd van de optie

Wanneer je opties zou willen gebruiken, moet je dus kiezen welke uitoefenprijs en welke expiratiemaand je kiest. Er zijn opties die weken, maanden of zelfs jaren lopen. Je kiest hoe lang je wilt investeren en kunt bij sommige aandelen zelfs kiezen voor opties die vijf jaar lopen. Ik kom hier later nog op terug. Laten we eens kijken naar een aantal mogelijke scenario’s met verschillende uitoefenprijzen voor de Royal Dutch Shell positie.

Sommige opties zijn gokinstrumenten

We vergelijken de in the money en out of de money opties en je zult zien dat de korte termijn out of the money opties echte gokinstrumenten zijn. En we gaan natuurlijk kijken naar de delta. De delta is van groot belang bij de keuze van de optie wanneer we kijken naar de hoogste kans dat de optie geld oplevert.

Op zoek naar het winnende lot

We gaan dus er vanuit dat Royal Dutch Shell op dit moment € 27,50 noteert en het eerste dat we gaan doen, is kijken naar de optieprijzen. De meeste beleggers starten dan met de dichtstbijzijnde maand, en veranderen in gokkers. Ze zijn op zoek naar het winnende lot voor de jackpot. Voordat we verder gaan, moeten we nog eventjes kijken naar de Grieken.

De delta, de thèta, de gamma, de vega en de rho, oftewel de Grieken

We hebben al heel even gesproken over de delta, dit is de mate waarin de premie van de optie correleert met de onderliggende waarde. Verder hebben we het ook al gehad over de theta. De theta geeft aan hoeveel tijdswaarde er per dag verdampt. Daarnaast kennen we nog andere Grieken, zoals de gamma de vega en de rho, daar komen we later nog op terug.

Kijk altijd eerst goed naar de delta van de optie

De factor waar we nu een dieper op ingaan induiken is de delta. Vaak beweegt de premie van een optie niet eens als de koers van de onderliggende waarde verandert. Soms daalt de premie van een call optie, terwijl de koers van de onderliggende waarde stijgt. Daarom is het belangrijk om goed te kijken naar de delta van de optie.

Kies opties met een delta van 80% of groter

Wanneer je dezelfde beweging wilt hebben als onderliggende waarde, kies dan opties met een delta van 80% of groter. Dit is iets wat maar heel weinig mensen doen. Zorg ervoor dat je altijd eerst de delta bekijkt voordat je een optietransactie doet. Want het punt is dat je op deze manier dezelfde beweging krijgt als de onderliggende waarde, maar met een lagere investering en een lager risico. Dat kan met opties met een zeer hoge delta.

De investering bij opties is veel lager

RDS_calls_apr2019

Laten we eens naar een aantal voorbeelden kijken. Stel we kopen een april call 30 op Royal Dutch Shell voor € 0,03. Optiecontracten gaan altijd maal 100, dus we investeren € 3. Hiermee profiteren we van de waardeontwikkeling van 100 aandelen Royal Dutch Shell tot de derde vrijdag van april voor slechts € 3. Iemand anders moet 100 × € 27,33 betalen, dus € 2733 om 100 aandelen te bezitten.

Geld verdienen boven onze break-even prijs

Het enige probleem is dat we geld gaan verdienen wanneer Royal Dutch Shell boven onze break-even prijs komt van € 30,03 (de uitoefenprijs van € 30 + € 0,03 premie is € 30,03 het break-even punt) wanneer we deze optie aanhouden tot expiratie. Royal Dutch Shell moet dus bijna € 3 stijgen in deze 45 dagen tot aan expiratie (op het moment van schrijven) voordat we ook maar enig resultaat gaan zien.

Hoe groot is de kans dat we geld gaan verdienen?

Wanneer we nu gaan kijken naar de delta van deze optie in de tabel, dan zien we dat deze optie een delta heeft van 0,031. Dit betekent dat er circa 3,1% kans is dat deze optie in the money komt. Dat is een vrij kleine kans. Dit houdt in dat als Royal Dutch Shell € 1 zou stijgen, dan zou deze optie met ongeveer € 0,03 stijgen.

Wat is de theoretische waarde ten opzichte van de werkelijke waarde?

option-price.com RDS call OTM 45 dagen

Laten we weer eens kijken naar de optiecalculator. Allereerst voeren we de gegevens in de calculator in. En we zien een theoretische prijs van 0,018 voor de call optie. Dit betekent dat de theoretische waarde van deze optie ongeveer € 0,02 zou moeten zijn. De komt dus redelijk over een met de € 0,03 die we op de optiebeurs zien.

De theoretische prijs van de call stijgt

option-price.com RDS call OTM 45 dagen plus 1 euro

Wanneer we nu in deze optiecalculator de prijs van de onderliggende waarde met een euro verhogen, dan zien we dat de theoretische prijs van de call optie stijgt naar € 0,09. Terwijl de kopers van de aandelen Royal Dutch Shell 100 × € 1 is € 100 hebben verdiend, is de premie van onze call optie gestegen van € 0,03 naar € 0,09.

Maar we maken geen winst met deze optie

Dit komt dus redelijk overheen met de delta, waardoor we mochten verwachten dat wij bij een stijging van € 1, circa € 0,03 zouden meeprofiteren. In plaats dus van een winst van € 100, moeten wij dus genoegen nemen met een winst van enkele euro’s, als we deze al zouden kunnen verzilveren natuurlijk omdat we ook te maken hebben met het verschil tussen de bied- en laatprijs van de opties en natuurlijk rekening moeten houden met de transactiekosten.

3% kans op winst is veel te klein

We hadden al gezien dat er circa 3% kans was dat deze optie in het geld zou komen. Voor mij is dit een te kleine kans toch? Wat kunnen we daaraan doen? We moeten dus kijken naar opties met een hogere delta. Laten we dan eens kijken naar een call optie met een uitoefenprijs van € 26.

Deze optie is dus goedkoper dan de theoretische waarde

option-price.com RDS call ITM 45 dagen

Deze call heeft een delta van 80,6% dit geeft dus aan dat deze call circa 80% mee beweegt met de beweging van het aandeel. Een euro stijging van Royal Dutch Shell zal dus circa € 0,80 premiestijging tot gevolg hebben. De calculator geeft aan dat theoretische waarde van deze optie € 2,23 is en de delta is bijna één. We kunnen deze optie kopen voor circa € 1,53. Deze optie is dus goedkoper dan de theoretische waarde.

Verschillen tussen de theoretische waarde en de werkelijke waarde

Dit komt omdat de impliciete volatiliteit van de at the money opties 15% is. We zagen bij de optie Skew, dat de opties die verder in of out of the money zijn een andere volatiliteit hebben dan de at the money en zoals gezegd, de markt heeft altijd gelijk dus daardoor zien we verschillen tussen de theoretische waarde en de werkelijke waarde die tot stand komt door vraag en aanbod.

De premie van de optie beweegt 1 op 1 mee met de onderliggende waarde

option-price.com RDS call ITM 45 dagen plus 1 euro

Onze nieuwe break-even prijs is € 26 + € 1,53 is € 27,53, waarbij Royal Dutch Shell op dit moment dus € 27,33 noteert. Laten we nu eens kijken wat de theoretische waarde is van deze optie wanneer Royal Dutch Shell € 1 stijgt naar € 28,335. De theoretische waarde stijgt naar € 3,20, dus bijna € 1 hoger door de stijging van € 1. Er zit dus duidelijk verschil tussen de theoretische waarde en de waarde in de praktijk, maar de strekking van het verhaal is natuurlijk hetzelfde.

Een grote kans dat we geld gaan verdienen zonder dat we veel hoeven te investeren

Er is een zeer grote kans dat deze optie in het geld eindigt en een aanzienlijke kans, circa 50%, dat we boven onze break-even prijs eindigen en geld verdienen. Heel anders dus dan de out of de money call optie. Vrijwel dezelfde kans als dat je het aandeel zelf zou kopen. Immers het aandeel gaat stijgen of dalen. Het grote verschil is natuurlijk dat we hier veel minder hoeven te investeren.

Gebruik een objectieve indicator om de richting van de onderliggende waarde te bepalen

RDS kans boven BEP

De kans dat de koers boven € 27,53 noteert over 45 maanden is 44,4%. De kans dat de koers onder € 25 noteert is 55,5%. We kunnen dit doen op bijvoorbeeld https://www.optionstrategist.com/calculators/probability Is deze waarschijnlijkheid groot genoeg om een transactie op te zetten? Daarom is het dus van groot belang om een objectieve indicator te gebruiken die aangeeft wanneer we in een stijgende trend zitten en daarom de kans vergroten van circa 50/50 naar circa 70%. Bijvoorbeeld met de Trading Navigator.

In meer dan 70% van de gevallen aan de goede kant van de streep

Met het volgen van de koop- en verkoopsignalen kunnen we berekenen dat we 41% van de tijd in een winstgevende transactie zitten en 17% in een verliesgevende. We zaten bij Royal Dutch Shell dus in 41 procent + 17 procent is 58 procent van de tijd in een stijgende trend…niet heel veel, maar in deze situatie zaten we dus in 41 van de 58 dus 70,6% van de tijd aan de goede kant van de streep. 70/30 lijkt misschien niet veel, maar als we deze methode dus combineren met een hefboom en de wet van de grote getallen, dan levert dit een stabiele inkomstenstroom op.

Een enorme hefboom bij een veel lager maximaal verlies

RDS kwartaal

Wanneer we de 100 aandelen kopen, dan investeren 100 × € 27,33 is € 2733. Wanneer we een optiecontract kopen voor € 1,53, dan investeren we € 153. Onze maximale verlies is daarom ook € 153, aanzienlijk minder dus ook dan het kopen van de aandelen. Bovendien geeft dit ons een enorme hefboom, omdat we vrijwel één op één mee bewegen met de koers van de onderliggende waarde met een fractie van de investering.

Aandelen en opties zijn zeer verschillende investeringen

We hebben dus gezien dat aandelen en opties twee compleet verschillende investeringen zijn. Opties zijn veel complexer dan aandelen en zijn zeer afhankelijk van de relatie tussen de uitoefenprijs van de optie en de huidige koers van het aandeel. Om de kans op winst te vergroten, is het van belangrijk om te concentreren op opties met een hoge delta.

Concentreer op hoge delta deep in de money opties

Het heeft geen zin om geld uit te geven aan opties wanneer deze nauwelijks bewegen. Zelfs niet wanneer deze slechts een paar centen kosten. Concentreer dus op een hoge delta, deep in de money call opties wanneer je verwacht dat een aandeel gaat stijgen. Kijk ook naar het verschil wat je moet investeren bij aandelen en opties: € 153 ten opzichte van € 2733.

Een verschil van ruim € 25.000

We gaan er in het voorbeeld van uit dat we slechts 100 aandelen kopen, terwijl de meeste beleggers enkele honderden of zelfs duizenden aandelen kopen. Wanneer je bijvoorbeeld 1000 aandelen Royal Dutch Shell zou hebben gekocht, dan praten we over een investering van € 27.335. Met 10 optiecontracten koop je voor € 1530. Een verschil van ruim € 25.000.

Met opties kun je een veel bredere spreiding aanbrengen

Bedenk wat je allemaal kan doen met deze € 25.000 wanneer je deze niet hoeft te investeren in aandelen. Het zou kunnen zorgen voor een veel bredere spreiding bijvoorbeeld. Volgende keer gaan we kijken naar het schrijven van opties. Dit is de sleutel tot uw succes.

Met hartelijke groet,

Harm van Wijk

 

 

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.