Inzicht biedt uitzicht

Ook de Nederlandse rente loopt op

Ook de Nederlandse rente loopt op

In de column “De grote rotatie” van 20 februari j.l. Refereerde ik aan good old Allan Greenspan die zinspeelde op een aanhoudend opgaande beurs gezien de aanhoudend lage rentevoet. Tot dusver staat de Federal Fund Rate al sinds 2009 onveranderd gefixeerd op nagenoeg nul. Wel is de 10-jarige rente in de VS sinds mei j.l. met een ruim procentpunt gestegen. De beurs maalde er niet om, de lage economische groei ten spijt.

De belangrijkste issue voor 2014 zal zijn ‘to taper or not to taper’. De beurzen anticiperen kennelijk op continuïteit van het huidige non tapering beleid. Er is immers geen andere weg meer dan doorgaan. De renteoploop sinds het reppen van een mogelijke tapering in mei j.l. maakte duidelijk wat hiervan het directe gevolg is. Zelfs al zou de Fed desondanks besluiten tot tapering over te gaan dan is de kans levensgroot dat het “losse” centrale bankbeleid binnen de eurozone en Japan wordt voortgezet. Een dergelijk besluit zou voor de V.S. een aantal “nogal” onprettige gevolgen hebben:

1)      een verder oplopende rente

2)      een oplopende dollar

3)      een terugvallende economie als gevolg van sub 1 en 2

4)      meer werkloosheid

5)      een dalende beurs

6)      deflatie en dreigende sociale onrust

Je hoeft geen econoom te zijn om in te zien dat tapering hoe dan ook het omgekeerd evenredige resultaat bereikt van wat het Fed beleid zich ten principale ten doel stelt: stimulering van de economie als speerpunt, met als tweede doelstelling het in toom houden van de inflatie. Andere smaken zijn er (echter) niet (meer).

Vraagtekens

Op de recente Reuters Investment Outlook Summit werden meer vraagtekens achter het huidige expansieve monetaire beleid geplaatst m.b.t. de effectiviteit ervan. In toenemende mate werd gezinspeeld op sociale en politieke onrust als golven goedkoop geld de beurzen blijven overspoelen daar men op goed moment gaat inzien voor de gek te worden gehouden.

Larry Summers, gedoodverfd opvolger van Ben Bernanke, sprak van het vooruitzicht van een langdurige “seculaire stagnatie” met een oplopende werkloosheid die hij ophing aan één der grootste credit booms aller tijden. Maar was hij als minister van Financiën onder president Clinton niet indirect “de architect” van deze ‘credit boom’ door de banken juist meer vrijheid te gunnen, een wereldwijde banken débâcle inleidend?

Didier Saint-Georges van het succesvolle beleggingsfonds Carmignac kon het niet anders verwoorden dan: ‘this may leave us in a QE trap’, daar “normalisatie” van de huidige situatie aanstonds tot veel meer negatieve gevolgen zou leiden.

De eerder in deze column aangehaalde dr. Paul Graig Roberts liet in een recent interview met King World News weten dat het stoppen van QE zal leiden tot financiële onrust. Vandaar dat de doorlopende destructie van de dollar “voorkeur verdient”. Dat is reeds zichtbaar geworden in de valutaverhouding met de yuan op een stand van 8 yuan in 2006 naar 6 yuan voor een dollar thans, of een dollarverlies met 25%. Die daling vond nog plaats in een tijdsbestek dat de Chinezen grootschalig dollars opkochten. Dat doen ze intussen veel minder.

Dus de appreciatie van de yuan zou hiermee in een stroomversnelling moeten geraken en er op wijzen dat de economische macht steeds meer richting China verschuift. Dit kan een run uit de dollar ten gevolge hebben die door de Fed (in bezit van een derde van de Amerikaanse staatsschuld!) niet meer te voorkomen is dan door de renteschroef sterk aan te zetten.

Terugblik

Nu de rente op de 10-jarige lening sinds het tapering signaal in mei j.l. is opgelopen van 1,65% naar 2,78% zou je verwachten dat de beurs op z’n minst een meer aarzelend verloop zou laten zien. Niets blijkt minder waar. Vanaf het moment dat de geldpers in maart 2009 op volle toeren werd ingezet, wist de beurs nog steeds van geen wijken.

 S&P

Perspectief

In strijd met alle economische logica stijgt de beurs bij een almaar stijgende schuld zonder een adequaat economisch draagvlak. Laten we nog eens kijken naar de Amerikaanse schuld/BBP verhouding. Buiten de zwarte periode in de jaren ’30 laat de schuldgroei vanaf de jaren ’80 weinig aan de verbeelding over. Het is simpelweg ondenkbaar aldoor je schulden harder te laten groeien dan de opbrengsten.

Schuld VS tov GDP

Het wordt nog “interessanter” door te kijken naar de Total Credit Market Debt (TCMD) als maatstaf voor de totaal uitstaande schuld: federaal, staten, municipaal, bedrijfs- en huishoudschuld (inclusief de studieschuld van inmiddels meer dan $1 biljoen), maar exclusief de ongedekte schuldverplichtingen in de sociale sector. Waar de TCMD thans op een totaal van $57 biljoen uitkomt, worden de ongedekte verplichtingen op een slordige $ 155 biljoen getaxeerd (bron: Chris Martenson puttend uit gegevens van het Ludwig von Mises Instituut).

Kijken we naar het gemiddelde stijgingspercentage van de TCMD over de laatste 30 jaar bij een gemiddelde BBP groei van 3,1% dan bedraagt de stijging gemiddeld 8% per jaar. De gemiddelde stijging van het BBP sinds 2009 komt niet verder dan 2,2% (vooropgesteld dat dit een reëel cijfer is). QE maakt duidelijk dat dit middel bepaald geen free lunch kan betekenen.

Volgens de Harvard economen Reinhart en Rogoff zal een draaglijker schuldniveau middels een combinatie van bezuinigingen en hertstructureringen nooit bij een veel te hoog opgelopen schuld bereikt worden. Zij verwachten dan ook dat een harde herstructurering in de V.S., Europa en Japan pas zal plaats vinden zodra de stijging van de rente niet meer te stuiten valt.

Hoewel de centrale banken er alles aan doen om hun respectieve valutakoers te doen verzwakken, is het anderzijds de dollar die het in de euro en yen relatief goed blijft doen. Dat is toch een veeg teken. Immers, het lijkt nu of de geldverruiming in de V.S. onvoldoende zoden aan de dijk zet. Dit zou voor de Fed aanleiding kunnen worden om de geldpers juist nog verder open te zetten –  een‘race to a deeper bottom’ inzettend.

USD-EUR-365-day-exchange-rate-history-graph-large

In de onderlinge relatie tussen de $ en € blijkt dat ‘uncle’ Ben net even iets beter “scoort” dan z’n gabber Draghi, niettegenstaande de recente rentedaling binnen de eurozone.

Het blijft opmerkelijk dat dit inzicht in de MAINSTREAM MEDIA zo weinig aan bod komt. Per slot vormen stabiele wisselkoersverhoudingen en een stabiele koopkracht de basis van een gezond monetair systeem dat voldoende draagkracht biedt voor een gezonde economische ontwikkeling. Die publiciteitsprijs blijkt intussen in dubbel opzicht te hoog!

Robert Broncel

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.