Winst en waarde

Van winstgevend contract naar waardevol eindproduct, from profit to value. Het eeuwige conflict tussen producent en consument is al 5000 jaar geleden ontstaan: in de stad Babylonië! Rijke leenheren gaven leencontracten uit waar behoorlijk rendement op gemaakt werd. De mensen hadden geld nodig om de dure levensstijl in de “modernste stad” ter wereld te kunnen onderhouden.

Ze gingen dus graag de “dure” leningen aan. Mensen waren zo “hongerig” naar extra geld, dat ze de sancties op het niet tijdig betalen van de rente en aflossing voor lief namen. In die tijd was de sanctie simpel, doch doeltreffend: betaalde men niet op tijd, dan diende men een jaar lang te werken aan en op de muur van Babylon. Die muur was het symbool van de roem en glorie van de stad.

De mensen waren zo gedreven om leningen aan te gaan, dat men het voor lief nam om aan de muur te werken, in de wetenschap, dat 80% het eerste jaar niet overleefde! De liefde voor geld was groter dan de angst voor de dood. Het merkwaardige was echter, dat de muur gebouwd werd, om mensen van “minder allooi” buiten te sluiten!

Een eerste community leek geboren? Het was feitelijk de producent, die bepaalde wie wel en wie niet gebruik mocht maken van de “geweldige diensten” van de stad. De consument was willoos slachtoffer geworden van haar eigen drang naar meer consumptie!

In de eeuwen daarna is dit principe op tal van gebieden toegepast. Bedrijven willen graag winstgevende contracten sluiten en doen dat vaak onder het mom, dat ze daarvoor waardevolle eindproducten leveren. De consument heeft dat door de eeuwen heen ook altijd voor lief genomen. “Ik koop een product of dienst. Ik weet dat daar aan verdiend wordt. Ik heb dat product nodig, want zij zeggen dat het waardevol is.”

Hoe vaak bleek echter het tegendeel? Hoeveel ongebruikte producten liggen opgeslagen en worden niet of nauwelijks gebruikt? Of zijn eerder defect dan verondersteld? Hoeveel geleverde diensten sorteerden een ander effect dan in eerste instantie werd aangeboden, vooral in de financiële dienstverlening. Onder druk van de prijsconcurrentie bleef de kwaliteit vaak achter bij dat wat geboden werd. En als we dan echt kwaliteit kregen, betaalden we de “hoofdprijs”. In de loop der eeuwen hebben bedrijven steeds meer de basis gelegd voor wat “kwaliteit” en “service” is.

Aan dit principe is weinig veranderd. Sterker: door de enorme technologische ontwikkeling worden producten steeds sneller en goedkoper ontwikkeld en verkocht. Het begrip “winstgevend” is veel belangrijker geworden dan het begrip “waardevol”. De “waarde” wordt immers meer en meer bepaald door externe factoren, zoals reclame, trend, hype, marketingtechnieken, gemaksproductie, etc. De politiek tracht door regelgeving en controle invloed uit te oefenen in het krachtencentrum tussen “verkopen” en “kopen”. De belangrijkste constatering is echter, dat de regelgeving meer het economische belang dient, dan het menselijke belang. Het spanningsveld tussen economie en gezonde samenleving is jarenlang in het voordeel van de economie uitgevallen.

In de tijd dat we nog een feodaal stelsel kenden, ruilden we goederen en diensten met elkaar. Daarbij was het gegeven dat ik iets wilde, dat ik nodig had, belangrijk bij het ruilen! Als ik jou een warme deken gaf, omdat je het koud had, wilde ik daar een stuk vee voor terug, omdat ik honger had! De “waarde” werd dus bepaald door de “behoefte”. Het begrip “winst” had toen nog geen enkele lading.

In Babylon werden goudstukken gebruikt als “ruilmiddel”. Het had een enorme “waarde”. Door het begrip “rendement” toe te voegen, kreeg “goud” een nieuwe lading. Als ik jou 10 goudstukken leen, wil ik er 12 terug. Twee goudstukken winst. Als ik dat regelmatig deed, ontstond er een overschot aan goudstukken bij mij en een tekort bij de ander. Die ging weer “lenen” tegen een bepaalde rente. De neerwaartse cyclus realiseerde een enorme kloof tussen rijk en arm. Een kloof die nog steeds bestaat. Het “ik-belang” is groter dan het “wij-gevoel” geworden.

Vanuit het begrip “winstgevende contracten” werd meer en meer gekeken naar het contract in plaats van naar de winstgevendheid. Kostenreductie, kostenbeheersing, goedkopere arbeid, technologische ontwikkeling en verbetering van de omloopsnelheid van producten en diensten, dienden om de marges te verbeteren. Het begrip “winstgevend” werd meer een getal, dan een “waarde”. Het is inmiddels een objectief meetgegeven geworden voor de producent. De tegengestelde kracht “waardevol” eindproduct, is het subjectieve meetgegeven voor de consument geworden. De producent bepaalt overigens wat “waardevol” is. Dit doet zij vooral door reclame-instrumenten te gebruiken.

Waar de twee krachten complementair aan elkaar zouden moeten zijn, worden ze steeds meer tegengesteld aan elkaar. De belangen zijn dan ook tegengesteld. De macht van de producenten is zo groot geworden, dat men openlijk toegeeft dat winstmarges alleen maar groter kunnen worden, als de kwaliteit van wat geboden wordt, niet meer objectief meetbaar is, maar subjectief verlangd wordt. De prijs die consumenten daar voor willen betalen, wordt bepaald door “verlangen” in plaats van “behoefte”.

Hoe meer de producent in subjectiviteit kan aanbieden, hoe meer er ingespeeld wordt op het “gevoel”, de emotie, van de consument. Het verlangen van de consument om zogenaamde “waarde” te kopen in plaats van “behoefte”. De consument vraagt zichzelf allang niet meer af: “heb ik het nodig”? Door de krachtige marketinginstrumenten, vooral door crossing media, reageert de consument als “kind”: “ik wil het hebben en ik wil het nu. Niet straks”!

Een belangrijke ontwikkeling, dat vorenstaande bevestigt, is de huidige prijsstelling van luchtvaartmaatschappijen. Prijzen worden steeds minder transparant. Onder het mom: “voor één euro naar Berlijn”, wordt de consument “gelokt”. Het subjectieve gegeven is hier, dat de consument voor een schijntje naar een Europese stad kan vliegen. Eenmaal geboekt, wordt de prijs aangepast. Toeslagen, belastingen en meer van dat soort “opslagen”, maken de prijs veel hoger dan in reclame werd aangeboden. Dit fenomeen zie je steeds meer terug in de dagelijkse slag om de gunst van de consument.

Neem daarbij het gegeven dat “belangenbehartigers”, zoals consumentenbonden, ANWB, VEH en meer van dat soort verenigingen, zelf producten gaan aanbieden, en er is een tri partite ontstaan, waarbij winstgevendheid veel belangrijker is geworden dan waardevol. Alles wordt kennelijk steeds goedkoper. En toch wordt alles kennelijk ook steeds beter. Dat is een contradictie!

Omdat de consument aangeeft behoefte te hebben aan gezondere voeding, ontstonden voedingsmiddelen in de vorm van “light” en “lite”. Minder vet, minder suiker en meer toegevoegde vitaminen en mineralen. Maar wat “minder” is, is dan toch ook goedkoper te produceren? En toevoeging van vitaminen en mineralen is een kwestie van een stap extra in het productieproces. Als we dan naar de prijstechnische kant kijken, betalen we soms dubbel zoveel voor dergelijke producten in vergelijking met traditionele producten.

In de laatste decennia zijn producenten steeds “slimmer” omgegaan met begrippen als “angst”, behoefte, “ik wil wat mijn buurman heeft ook hebben”, trendsetting, wijzigen van percepties en directe invloed uitoefenen op emoties en gevoelens van de consument. Koop Becel en je krijgt geen hartaanval. Koop een Volvo en je overleeft een ongeval. Koop Davitamon en je wordt niet ziek! Koop een Dell computer, geen tussenhandel, dus veel goedkoper! Ga meer op vakantie en je komt tot rust. Koop een i-pod. Multimedia 24 uur per dag ter beschikking. Onderhandel met je bank over de hoogte van je hypotheekrente (dat bood nota bene Fortis aan)!

Hoezo “onderhandelen” als consument? Begrippen als “gemak”, Trendsettend, kwaliteit en service, veiligheid en transparantie, worden te pas en te onpas ingezet als producentenwapens in de slag om de gunst van de consument.

Maar dit zijn toch begrippen, die juist vanuit het consumentengedrag beschouwd dienen te worden. Ik bepaal immers wat ik wil. Het zijn immers mijn “needs and wants”!

Hoewel bedrijven de mond vol hebben van klantgericht verkopen, blijkt in de praktijk, dat productgerichte verkoop nog steeds het belangrijkste is. Het is meer “klantgeïndoctrineerde”, dan “klantgerichte” verkoop!

Doordat de technologische ontwikkeling hand in hand samen gaat met de economische ontwikkeling van de 100 grootste bedrijven ter wereld, ontstaat een bijna monopolistische aanpak van verschillende branches, die de handen ineen geslagen hebben. Tel daarbij op, dat elk zichzelf respecterend bedrijf een maatschappelijk verantwoorde ondernemersdoelstelling heeft geadopteerd en zie daar: de consument trapt er met open ogen in.

Nee, de welvaartsmaatschappij is geworden tot een sluw, tweedimensionaal gebeuren. Ik heb iets waarvan ik zeg dat jij het nodig hebt. “Ik produceer “goedkoop”, maar het is voor jou heel waardevol om mijn product te hebben”.

De producent is allang niet meer alleen bezig met het “winstgevende” deel. Producenten bepalen inmiddels ook wat “waardevol” voor de consument is. Zelfs hoe het eindproduct er uiteindelijk uit komt te zien.

De welvaart steeg vorig decennium explosief. The sky was the limit”! We gaven meer uit, spaarden meer en waren kennelijk zeer “tevreden” met alles wat op ons afkomt? Maar was dat ook zo?

Er werd een verschuiving zichtbaar. Van consumptiemaatschappij naar een gezondheidsmaatschappij. Een maatschappij waar milieu, gezondheid en de ik-BV steeds belangrijker worden. We gaan ons steeds meer beseffen, dat ouder en gezonder worden ook met zich meebrengt, dat we langer gebruik moeten maken van wat onze wereld ons dagelijks biedt. Je komt steeds vaker begrippen tegen als, “duurzaam”, goed voor het milieu, zuiniger, gezonder, gelukkiger en welvarender. Het individu doet in ieder geval een poging om weer een middelpunt te zijn in zijn of haar eigen wereld. De kwaliteit van het leven staat weer voorop. Denken aan de generatie die komt, in plaats van de generatie die nu leeft.

Om de krachtenvelden weer in evenwicht te krijgen, is een nieuwe aanpak noodzakelijk. Het individu verenigt zich. Mensen die gelijkgestemd zijn, overeenkomsten hebben op bepaalde gebieden, verenigen zich. Door de technologische ontwikkelingen, kunnen mensen “op afstand” met elkaar communiceren. Gedachten overdragen, ideeën beschrijven, concepten creëren en via Internet op zoek gaan naar “medestanders”. Zo wordt een slagkracht ontwikkeld, waarbij de consument weer bepaald wat “waardevol” is.

Stel je voor dat bedrijven zich realiseren, dat “winstgevend” niet alleen betekent dat zij meer geld verdienen, maar dat “winstgevend” iets is, dat ook belangrijk is voor de consument. Wat is haar winst? Zie “winst” dan niet als een objectief geldgegeven, maar meer als een emotionele belevenis van “waarde”. Kan een “winstgevend contract”, winst opleveren voor beide partijen? Als het bedrijf daar de inspiratiebron voor kan zijn? Als visie en missie, zoals vaak beschreven, eens echt de visie en missie van een organisatie is? Van tweedimensionaal produceren, naar vierdimensionaal consumeren!

Vanuit de technologische kant hebben we een “versneller” ontwikkeld. Een VCO: Virtual Community Organization. Een groep individuen, die over bepaalde zaken gelijkdenkend, gelijkgestemd zijn. Een groep mensen die hun krachten bundelen en die gebruikmaken van de producten en diensten van bedrijven die het begrip “winstgevend” heeft geïntegreerd in het begrip “waardevol”! Daarbij mag winst een objectief meetbaar getal zijn, zolang de winst maar voor beide partijen geldt. Het bedrijf mag verdienen, zolang de community, dus het individu ook maar “verdient”. En zolang “waardevol” voor de consument ook “waardevol” is voor het bedrijf. Daarbij zal het bedrijf “waardevol” meer dienen te vertalen in visie en missie. Aan verantwoorde bijdragen aan de ontwikkeling van de samenleving in het algemeen en de community in het bijzonder.

Als de “versneller” dat kan bieden wat de consument verwacht, is waarde en winst weer in evenwicht. Economisch mag een bedrijf dan winst maken. Zij is immers transparant en heeft zich tot doel gesteld, om voor haar communityleden waardevolle producten en diensten te ontwikkelen. Evenwicht in de economie en de mensologie. De economische kant (het bedrijf) kan dan verantwoord werken aan het winstgegeven, zolang winst een win-win oplevert. De mens bepaalt het “waardevolle”. Zolang het bedrijf de technologie blijft gebruiken om ook echt “waardevol” te produceren, zal “winst” een logisch gegeven zijn. Zolang er maar een soort van evenwicht is in “verdienen”.

Vanuit het filosofische kader zal klantgericht denken en doen het rustpunt zijn. Vanuit dit kader wordt door beide partijen constant gekeken naar de behoefte van de gebruiker, de mens. Zij geeft aan wat zij nodig heeft. De producent, het bedrijf gaat op zoek naar de technische mogelijkheden om die behoefte te bevredigen. Op deze wijze zal niet alleen een tévreden consument ontstaan, maar, en dat is veel belangrijker, er ontstaat ook een loyale consument!

Omdat vanuit het filosofische kader constante evenwicht wordt gezocht in winst en waarde, zal de samenwerking tussen bedrijf en individu eerlijk en evenwichtig zijn. De community omsluit namelijk niet alleen meer een groep individuen, maar een groep individuen en bedrijven, die voor én met elkaar waarde en winst leveren en bepalen.

Zolang de integere doelstelling van het bedrijf begrijpelijk is voor de mens, zullen andere mensen toetreden tot een dergelijke community. De mensenkracht is in verhouding tot de economische kracht. De technologische kracht is het bindmiddel waar beide partijen uit kunnen putten. De filosofische kracht is het rustpunt voor beide partijen. De consument weet namelijk dat het bedrijf vanuit klantgerichtheid acteert en opereert. Het bedrijf weet, dat de tévreden gebruiker een loyale gebruiker is geworden en niet snel meer afhaakt!

En zo ontstaat een nieuwe soort “winst” en een nieuwe soort “waarde”. Het spectrum van waaruit een community opereert is zo intens, dat de nieuwsgierigheid, dus de emotionele kant, van een consument volledig bevredigd wordt. Het bedrijf vindt haar uitdaging in het verbeteren van de communicatiemodellen; de marketing van een bedrijf wordt weer gebruikt zoals dat altijd bedoeld is: informatief, objectief, bevredigend en vooral eerlijk! Het filosofische kader is het constante vertrekpunt voor economie (bedrijf) en technologie (versneller), waarbij het resultaat het ‘waardevolle” (mens) dient te zijn. Zo is het bedrijf weer een vertrekpunt en de consument een eindpunt. Daar omheen is een “schil” gebouwd, dat “community” heet.

Het platform voor bovenstaande gedachte is “ComHumans”. Zes interessegebieden voor vandaag en morgen, die zijn verzameld in één grote Community.

H        Health

U        Universal en United

M       Money

A        Alternative

N        Needs and wants

S        Security

Dit zijn de zes belangrijkste aandachtsgebieden voor de mens van vandaag en morgen! Individuen verzameld in de “C”: Community.

Bedrijven die zich associëren met “HUMANS”, bieden producten en diensten aan, waarbij gezondheid, financieel en veiligheid, vertaald worden in behoeften en wensen van de consument en een goed alternatief wordt geboden voor bestaande systemen, in een universele en verenigde samenleving, waarbij “De Schil”, de community is, waarin het vierdimensionale denken is verenigd.

C-HUMANS”: een nieuwe waarde in een nieuwe wereld”!

“A new value in a new world”

OptionAlert.nl is zo’n moderne organisatie.

OptionAlert.nl biedt een waardevol platform voor verbetering van het financiële IQ van het individu, door middel van het leveren van waardevolle producten, die winstgegevend zijn voor zowel bedrijf als consument!

Ben Veerbeek

10 antwoorden
  1. Chris
    Chris zegt:

    Interessant verhaal, al is het wat lang. Toch bleef ik doorlezen. Vooral boeiend en herkenbaar om te lezen hoe bedrijven producten begeerlijk proberen te maken. Toen ik las “de buurman heeft het, dus ik wel het ook”, moest ik meteen denken aan de Postcode Loterij. Vrijwel iedereen heeft een land uit angst (ook een begrip dat terugkwam) dat de rest van de straat wél wint. Je noemde ook het begrip marketing. Opvallend is dat sommige bedrijven (in Nederland) althans, minimale marketing inzetten en toch een zeer geliefd product in de markt zetten. Apple is daar een goed voorbeeld van. Het bedrijf maakt eigenlijk nooit reclame, maar weet elk product toch weer ijzersterk in de Nederlandse markt te zetten. Of we het ook nodig hebben is een tweede.. ;-)

    Beantwoorden
  2. Ben Veerbeek
    Ben Veerbeek zegt:

    Beste Chris,

    Bedankt voor je leuke reactie. Het stuk is idd wat lang, maar ik heb het geschreven om meer duidelijkheid te geven dat de “winstmaatschappij” aan het veranderen is (moet) naar een “waardemaatschappij”. We zullen wel moeten, willen we de huidige economische crisis gedegen te lijf gaan!

    Beantwoorden
  3. Frans
    Frans zegt:

    Een zeer goede insteek qua uitleg en gedachtegoed. Wel zullen er nog heel wat mensen “wakker” moeten worden en meer bewustzijn gaan kweken. Momenteel wordt de werkelijkheid nog veelal bepaald door verouderde denkbeelden en gedrag vanuit angst, boosheid of verdriet. Vind de gekozen uiteenzetting verfrissend en helder. En de bedrijven die deze filosofie daadwerkelijk in woord en daad weten om te zetten zullen de “winnaars” van morgen zijn. Succes met uw “andere leest”.

    Beantwoorden
  4. Henk
    Henk zegt:

    Een goed verhaal. Maar het mag korter en sneller tot de kern. Ik ben het met je eens, dat er in de samenleving een kentering zichtbaar wordt. Dat de “double diggits” wat minder belangrijk worden, maar er is de afgelopen 5 jaar zoveel verbrand, dat we door winst toch weer wat vet op de botten moeten gaan krijgen. Daar kan community wellicht bij helpen ?

    Beantwoorden
  5. Bas Engelbarts
    Bas Engelbarts zegt:

    Ik kreeg gisteren n kaartje van comhumans.com
    Heb website bekeken, maar die is niet actief. Dus het is een mooi verhaal hier, op de site staat amper iets, maar wat moet je ermee? Je kunt n account aanmaken, maar die werkt niet. Dus n mooi verhaal gehoord gisteren en hier gelezen, maar nu? Enig antwoord is welkom!

    Beantwoorden
  6. Wendy
    Wendy zegt:

    Wat ik begrepen heb, is dat de website een dezer dagen actief zou worden.
    Je kan nu wel al inschrijven zodat je in januari direct kan starten en gelijk kan profiteren van je eerste bonus(sen).
    Dat heb ik dus ook al gedaan.
    Stuur gerust een berichtje voor meer info.

    Beantwoorden
  7. J. Smith
    J. Smith zegt:

    Lijkt me interessant. Maar kan nergens informatie vinden over betrouwbaarheid etc. Het gaat toch om een maandelijks bedrag om deel te nemen….. Niet bekend bij De Nederlandse Bank, niet bij de AFM en ook niet bij Nibud. Waar kan ik dan achterhalen in hoeverre dit allemaal veilig en legaal is?

    Beantwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.